Uit ons Kwartaalblad
De oehoe, de groothertog is terug
Door: Hans Hasper (Rayonbeheerder Midden)
Met een indrukwekkende spanwijdte van 1,70 meter en een gewicht dat kan oplopen tot 3,5 kilo, is de oehoe een verschijning die tot de verbeelding spreekt. Het is niet voor niets dat de Fransen hem Le Grand-duc noemen: de groothertog. Het is een passende naam voor deze statige, bijna koninklijke vogel die sinds 2019 de Drentse bossen en velden weer tot zijn domein rekent. Zijn aanwezigheid markeert een spectaculair hoofdstuk in de Nederlandse natuurgeschiedenis, een verhaal van bijna-ondergang tot een glorieuze comeback.
De gedocumenteerde terugkeer van de oehoe in Nederland begon op bijna filmische wijze in 1997. Tijdens een live radioprogramma vanuit de Enci-groeve in Maastricht hoorde een scherpe luisteraar op de achtergrond een diep, sonoor geluid. Het was de onmiskenbare roep van een oehoe. Die melding leidde tot de ontdekking van het eerste officiële broedgeval in Nederland sinds lange tijd. Sindsdien is de soort aan een opmerkelijke opmars bezig.
In 2024 stelden we al 103 territoria vast, maar in 2025 groeide dat aantal spectaculair naar 129. Deze groei is grotendeels te danken aan de uitbreiding vanuit het oosten. In Duitsland was de soort tussen 1935 en 1965 nagenoeg uitgestorven door meedogenloze vervolging en intensieve bejaging. Dankzij grootschalige fokprogramma’s en herintroductieprojecten wist de oehoe daar te overleven en dit leidde er uiteindelijk toe dat ze ook weer over de grens naar onze provincies gingen trekken.
Flexibele huizenzoeker
In Drenthe begon het sprookje voor vogelliefhebbers in 2019, toen een paar neerstreek in het Drents-Friese Wold. Sindsdien gaat het hard. Waar we in 2025 nog 11 territoria telden, wijzen de recente waarnemingen erop dat we dit jaar wel eens richting de 20 territoria kunnen gaan. Een bijzonder heuglijk feit is dat deze reuzenuil nu ook de gebieden van Het Drentse Landschap heeft ontdekt. Een specifiek paar heeft in een van onze natuurterreinen een oud nest van een havik gekraakt.
Dat typeert de oehoe: ze zijn te deftig of simpelweg erg praktisch, maar ze bouwen zelf geen nest. In plaats daarvan tonen ze een enorme flexibiliteit. Of het nu gaat om een richel op een steile rotswand, een verlaten roofvogelnest, een nis in een eeuwenoude kerk, een robuuste bunker of zelfs een kunstmatige constructie in een drukke stad; de oehoe past zich aan. Duitse steden als Lingen, Hamburg en Osnabrück hebben inmiddels hun eigen ‘stadsoehoes’. In die stedelijke jungle ontpoppen ze zich tot opportunistische jagers die moeiteloos leven van de overvloed aan bruine ratten en stadsduiven, terwijl ze zijdelings met gemak een complete roekenkolonie decimeren. Van een echte stadsbewoner is in Drenthe vooralsnog geen sprake, maar inmiddels zijn er in Drentse al wel broedparen op industrieterreinen waargenomen.
Dieet
Het dieet van de oehoe is even divers als zijn leefgebied. Eigenlijk is alles wat beweegt en een formaat heeft tussen een veldmuis en een jong ree potentieel prooi. De kracht van de oehoe is zo groot dat ze zelfs prooien aandurven die zwaarder zijn dan zijzelf. In de beslotenheid van het bos of de openheid van het veld past de oehoe zijn menukaart moeiteloos aan de lokale omstandigheden aan.
Het broedseizoen van de oehoe is een cyclus die eigenlijk het hele jaar doorloopt, maar de echte actie begint in de vrieskou van januari en februari. In deze maanden vindt de balts plaats. Het mannetje probeert indruk te maken op het vrouwtje door met zijn zware, diepe ‘oehoe’-roep de grenzen van zijn territorium te markeren. Op het hoogtepunt van zijn passie kan hij met korte tussenpozen wel honderden keren per nacht roepen. Wanneer de vrouw antwoordt, ontstaat er een mysterieus duet dat vaak eindigt in een paring onder de sterrenhemel.
Verleiding
In deze periode toont de man zich een zorgzaam makelaar. Hij krabt verschillende nestkuilen uit op strategische plekken en probeert de vrouw met zachte lokroepen te verleiden tot een inspectie. Zij is echter degene die de uiteindelijke beslissing neemt: wordt het een kuil in het zand of toch die oude havikenhorst hoog in de boom? Tijdens deze verleidingsfase gaat de liefde van de vrouw letterlijk door de maag. De man voert haar constant prooien aan; hoe meer zij te eten krijgt, hoe beter haar conditie wordt voor de eileg. Meestal legt ze twee of drie eieren, al zijn uitschieters naar één of vier mogelijk. Dit jaar was er op de Veluwe zelfs een uitzonderlijk nest van vijf eieren. Omdat ze direct na het eerste ei begint met broeden, ontstaat er een leeftijdsverschil tussen de kuikens, maar in tijden van overvloed redden ook de kleinste nakomelingen het vaak prima.
Na ongeveer 33 dagen breekt het eerste ei. Terwijl de vrouw de jongen warm houdt, zorgt de man voor de aanvoer van voedsel. Toch wordt de man doorgaans niet getolereerd op het nest. Hij moet de prooi buiten de nestplaats afgeven. Mocht hij de kans krijgen de jongen zelf te voeren, dan blijkt hij vaak vrij onbeholpen; hij begrijpt niet dat de donskuikens hapklare brokjes nodig hebben en probeert hen soms een volledige rat in de snavel te duwen. De vrouw daarentegen voert de jongen met engelengeduld de kleinste reepjes vlees.
Territorium
Na vijf weken verlaten de jongen het nest om de omgeving te verkennen. In een groeve is dat een kwestie van rondwandelen, maar bij een boomnest belanden ze vaak op de grond. Geen paniek: de ouders blijven hen daar gewoon voeren. Met tien weken beginnen ze te fladderen en rond de twaalf weken kunnen ze echt vliegen, al blijft landen een kunst die ze met vallen en opstaan moeten leren. Tot eind september blijven de jongen in het ouderlijk territorium, waarna ze in oktober uitvliegen om een eigen plek te zoeken. De rust in het territorium is echter van korte duur, want zodra de jongen weg zijn, begint de herfstbalts en wordt de paarband voor het nieuwe jaar alweer gesmeed.
Naast de roep gebruikt de man ook visuele signalen om zijn terrein te verdedigen. Tijdens het roepen zet hij zijn witte keelvlek op, die in de schemering als een baken oplicht voor indringers. Daarnaast markeert hij zijn territorium met urinezuur op opvallende plekken zoals grote stenen of boomstammen. Om de boodschap extra kracht bij te zetten, laat hij ‘plukresten’ achter van vogels met opvallende veren, zoals houtduiven, kerkuilen of eenden. Het is een doelbewuste, optische markering die hij na een regenbui zelfs zorgvuldig onderhoudt.
Rust is cruciaal
De oehoe is ondanks zijn indrukwekkende formaat en voorkomen, voor mensen niet gevaarlijk. Met een beetje respect en afstand is het juist een bijzondere ervaring om er een te zien. Deze grote roofvogel is opvallend gevoelig voor verstoring, vooral tijdens het broedseizoen van ongeveer januari tot en met juni. In deze periode kan menselijke nabijheid, zoals wandelaars, fotografen of loslopende honden, ervoor zorgen dat de oudervogels het nest verlaten, met risico’s voor eieren en jongen. Daarom kiezen oehoes in Drenthe meestal voor rustige, afgelegen plekken en bosgebieden, en worden broedlocaties vaak bewust geheimgehouden. Rust en afstand zijn essentieel om deze zeldzame uil zich succesvol te laten voortplanten
Definitieve blijver
In gebieden met een hoge dichtheid, zoals in de Duitse steengroeven, kunnen de territoria verrassend dicht op elkaar liggen. In de groeve Piesberg bij Osnabrück waren er in 2017 maar liefst vijf broedparen op slechts enkele honderden meters van elkaar. Het lijkt erop dat de oehoe, wanneer de omstandigheden perfect zijn, bijna als een koloniebroeder kan fungeren. Of we in Drenthe ooit dergelijke aantallen zullen zien, moet de tijd uitwijzen. Maar één ding is zeker: de groothertog is terug, en hij is niet van plan weer te vertrekken.
Lees meer in ons Kwartaalblad
Dit artikel is eerder verschenen in ons Kwartaalblad. Vier keer per jaar nemen we je mee langs de mooiste natuurgebieden, bijzondere monumenten en vertellen we meer over het werk van Het Drentse Landschap. Ook vind je in iedere editie een nieuwe wandel- en/of fietsroutes en tips om zelf op pad te gaan.
Als beschermer ontvang je het Kwartaalblad elk seizoen automatisch thuis. Wil je eerst kennismaken? Vraag dan gratis een proefexemplaar aan via onze website.