
De Palms
Palm of palmbossie is de Drentse benaming voor de Jeneverbes. Het indrukwekkende jeneverbesstruweel in dit reservaat, direct ten noorden van Meppen, vormt hier een waar doolhof, zoals men dat tegenwoordig nog maar zelden tegenkomt. Het gebied is vrij toegankelijk op wegen en paden. Behalve dwalen door de jeneverbesstruwelen kan hier ook door een bijzonder aantrekkelijk bosgebied, voornamelijk bestaand uit Eik en Grove den, worden gewandeld. Het meenemen van honden is alleen toegestaan in het bosgebied, waar de schapen niet kunnen komen.

De Palms
Kaart en luchtfoto
Kaart en luchtfoto Google MapsPlantenwereld
Jeneverbesstruwelen van een omvang zoals ze in dit gebied te zien zijn, worden in Nederland bijna niet meer aangetroffen. De aanwezigheid van de Jeneverbessen is hoofdzakelijk te danken aan een periode van overbegrazing door schapen aan het eind van de negentiende eeuw. Deze overmatige begrazingsdruk werkte het ontstaan van een kaal stuifzandgebied in de hand. Toen de schapenbegrazing wegviel, zagen de Jeneverbessen hun kans schoon om zich massaal uit te zaaien en zich plaatselijk te ontwikkelen tot ondoordringbare struwelen. De huidige omstandigheden bieden weinig kansen voor het jeneverbeszaad om tot ontkieming te komen. In het terrein zijn dan ook nauwelijks jonge exemplaren aan te treffen. Een beeld dat op veel plekken in Drenthe valt waar te nemen.
Dierenleven
Jeneverbessen bieden door hun dichte groeiwijze ideale broedplaatsen aan verschillende vogelsoorten, zoals Staartmees, Kneu en Goudvink. De Jeneverbeswants is een goed gecamoufleerde olijfgroene insectensoort die gespecialiseerd is in het leven op en van Jeneverbessen. Ook de Jeneverbesbladwesp voelt zich alleen thuis op deze boomsoort. Onderzoek heeft uitgewezen dat het gebied erg in trek is bij verschillende soorten sprinkhanen, zoals de Heidesabelsprinkhaan, de Snortikker, het Wekkertje en het Schavertje.

Goudvink, Jaap de Vries
