Het Drentse Landschap
Dophei

Er is bijna geen plek ter wereld waar Dophei zich zo goed thuis voelt als in Drenthe.  Dopheidevelden zijn voornamelijk te vinden in de landen rond de Noordzee. In Noord Europa is het te koud, in Zuid Europa te warm, in Oost Europa te droog en in West Europa (Ierland) te nat. In Drenthe is alles naar wens. Sterker nog: Drenthe heeft de grootste dopheidevelden ter wereld.

Even voorstellen

Dophei bloeit in juni en juli. De plant is alweer uitgebloeid wanneer in augustus de heidevelden paars gekleurd zijn door de Struikhei. De bloemen van de Dophei staan in trosjes 'ballonnen' bij elkaar. De smalle bladeren zitten in kringetjes van vier om de takjes.
Dophei houdt van natte voeten. Maar dan moet het wel regenwater zijn. Dophei gaat namelijk dood wanneer het gewoon slootwater krijgt.


Badkuip

In Drenthe zit op veel plekken een  keileemlaag als een soort onzichtbare 'badkuip' in de grond. Het regenwater blijft daarop staan. En dat is precies wat Dophei nodig heeft.
Helaas heeft men op verschillende plaatsen de stop uit de badkuip getrokken door dwars door de keileemlaag heen sloten te graven. Het regenwater blijft dan niet meer op die keileemlaag staan, maar verdwijnt via de sloten uit het gebied. Als het water dieper wegzakt dan 1 meter, dan gaat  Dophei dood. Het kan dan niet meer met zijn betrekkelijk korte wortels bij het water komen.
Meestal komt er dan Pijpenstrootje, ook wel bente-pollen genoemd, voor in de plaats. Die heeft met zijn lange wortels, geen enkele moeite om het water op te zuigen.

Armoe

Elke plant heeft voedsel nodig. De één meer dan de ander. Dophei kan met heel weinig voedsel toe. Het leeft op voedselarme, natte grond. Wordt zijn omgeving om de een of andere reden voedselrijker, dan verdwijnt de Dophei. Bekijk de blaadjes maar eens goed. Alles is heel klein en fijntjes gebouwd. Als je weinig bouwmateriaal hebt, kun je ook geen groot 'huis' bouwen. Zo is het ook met Dophei.
Dophei is een belangrijke nectarplant voor veel insecten, zoals hommels. Helaas kunnen  de meeste hommels niet bij de nectar komen, omdat hun tong te kort is. Via de 'voordeur' kunnen ze dan ook niet naar binnen. Door een gaatje in de zijkant van de bloem te bijten, breken ze in. Zo stelen ze de nectar. Die gaatjes worden ook weer benut door bijen. Bekijk maar eens wat dopheibloemen van dichtbij. Je zult zien dat bij de meeste is ingebroken.