Het Drentse Landschap
Romeinse tijd 12 v.Chr. - 450 na Chr.

In de romeinse tijd is Drenthe veel natter en krijgt daardoor te maken met de vorming van hoogveen met veenmos. Het hoogveen ligt als het ware als een schil om het hogere Drents plateau. De grens van het hoogveen ligt ruwweg bij 5 m + NAP. Boeren moeten het hoger op gaan zoeken. Veel nederzettingen uit de ijzertijd, zoals het Hijkerveld, worden in deze periode vanwege de toenemende nattigheid verlaten.
De romeinse tijd en de vroege middeleeuwen waren een onrustige periode. Drenthe wordt geconfronteerd met migrerende bevolkingsgroepen. Nederzettingen van Romeinen zijn in Drenthe niet aangetoond. Wel zijn sporen gevonden van handelscontacten met de Romeinen. Veel nederzettingen uit de ijzertijd en de celtic fields als akkercomplexen raken in onbruik. Er zijn vermoedelijk meerdere oorzaken: onlusten, zandverstuivingen als gevolg van overbeweiding en bedreiging door hoogveen. Vondsten uit deze periode zijn aardewerk, metalen voorwerpen en munten.
Crematieresten worden begraven in eenvoudige kuilen, meestal zonder bijgiften. Bijzondere vondsten uit deze periode zijn de roemruchte veenlijken. Zoals het beroemde 'Meisje van Yde' in het gebied Hondstong.  

                   
                  Meisje van Yde, Drents Museum