
Eerste landbouwers
Vanaf 4.900 v.Chr. vestigen zich ook boeren in Drenthe. Zij behoren tot de zgn. swifterband-cultuur, genoemd naar de eerste vindplaats in de Noordoostpolder. De definitieve vestiging van culturen met eigen nederzettingen vindt in Drenthe plaats tussen 3.400 - 2.850 v.Chr. met de komst van de hunebedbouwers. Zij worden ook wel genoemd het trechterbekervolk, genoemd naar het fraaie trechtervormige aardewerk. Aansluitend vestigen zich in Drenthe opeenvolgende bekerculturen als enkelgrafcultuur (2.900 - 2.400 v.Chr.) en het klokbekervolk (2.500 - 2.100 v.Chr.).
Vanaf de komst van de eerste boerennederzettingen is sprake van min of meer permanente invloed van de mens op het landschap. De stenen werktuigen en huishoudelijk aardewerk worden beter en de (geslepen) bijl doet zijn intrede. Bos wordt gekapt of afgebrand. Men doet aan houtbewerking en kan huizen bouwen. Op het afgebrande bos worden gewassen als naakte Gerst en Emmertarwe verbouwd. Men hield vee zoals runderen en varkens. Wanneer akkers rond een nederzetting zijn uitgeput veranderde men van woonplaats. Op verlaten akkers kon het oerbos zich niet goed herstellen. Op beperkte schaal ontstaan heide en zandverstuivingen.
Hunebedden

Hunebed D28: Buinen
De hunebedbouwers
De hunebedbouwers zijn anno 21e eeuw nog steeds de beroemdste inwoners van Drenthe. De hunebedden zijn de oudste grafmonumenten van Nederland. De hunebedbouwers behoren tot het trechterbekervolk. Het verspreidingsgebied van deze cultuur loopt van Noord-Nederland via Noord-Duitsland en Denemarken naar Zuid-Zweden en Polen en de Baltische staten.
In Nederland komen nog 54 hunebedden voor: 52 in Drenthe en 2 in Groningen. Noord-Nederland bekendste archeoloog prof. dr. E.A. Van Giffen (1884 - 1973) heeft de Drentse hunebedden genummerd van noord naar zuid: D1 (Steenbergen) tot D54 (Havelterberg). D33 is in de loop der tijd opgeofferd bij de restauratie van D49, de "Papeloze Kerk" bij Schoonoord. D48 bleek achteraf geen hunebed. Het oorspronkelijke aantal hunebedden was veel hoger. In de 16e - 18e eeuw zijn veel hunebedden gesloopt. De stenen werden gebruikt voor de aanleg van wegen, dijkverzwaring en als fundering voor kerken (o.a. Emmen en Odoorn).
Het Drents Landschap beheert 22 hunebedden.
De website www.hunebedden.nl bevat veel informatie over de trechterbekercultuur, een beschrijving van alle Nederlandse hunebedden en historische foto's.
